Voor Elsegem werd het een boerenjaar.
Alea icta est. Jawel, ook in het minivoetbal zijn de prijzen verdeeld. Campro Kassani Elsegem pakt de dubbel, MVC KBC Kortemark is vice-kampioen en verliezend bekerfinalist. Geraardsbergen zakt. Lorenzo Berwouts van Drongen, Sven Dhoest van Elsegem en Quentin Vaneeckhoute van Kortemark mogen nog hopen dat ze tot ‘Minivoetballer van het Jaar’ gekroond worden. Tijd om de balans op te maken en ons ‘Laatste Oordeel’ te vellen. In alfabetische volgorde hoe Kantine 11 het zag.
San Siro Deftinge. Gekortwiekt. Aan ambitie ontbreekt het nooit in het team van Yves Speliers en dat was dit seizoen niet anders. ‘Shinen’ was de doelstelling, maar na enkele speeldagen werd het al duidelijk dat het knokken zou worden om de play-offs te halen. Brecht Van de Wattijne lag in de lappenmand, Ossama Msili koos voor een korte flirt met het zaalvoetbal en laat dit nou net twee spelers zijn die toch voor iets meer kraak en smaak in het aanvalsspel van de bekerhouder zorgden. Pavel Vancaester hield zijn ploeg lange tijd in de race voor de play-offs, maar strandde uiteindelijk op de zesde plaats. Een 1 op 6 tegen rode lantaarn Geraardsbergen was de illustratie van een tegenvallend seizoen. Speliers is niet de man die bij de pakken blijft zitten. Hij vulde zijn boodschappenmandje met toppers als Lorenzo Vanhoolandt, Lorenzo Berwouts en Louis Pauwels en zorgt ervoor dat Deftinge volgend jaar misschien wel de te kloppen ploeg wordt.
MVC Desselgem. Leergeld. MVC Desselgem mikte naar een rustig seizoen, maar dat werd het niet. In de beker kwam het eind augustus met de hakken over de sloot bij Vici Gent (6-7) en de West-Vlaamse nieuwkomer betaalde in de competitie leergeld. Coach Nicolas De Craemer probeerde het net iets professioneler aan te pakken, maar vond weinig gehoor bij zijn spelersgroep. Na de heenronde telde het maar zes punten en besloot De Craemer de deur achter zich dicht te trekken. Desselgem begon na Nieuwjaar met winst tegen landskampioen Erwetegem, maar bleef heel moeizaam de puntjes bij elkaar sprokkelen en na een nederlaag bij Real Geraardsbergen was het harken om de schaapjes op het droge te krijgen. Finaal wist het zich op basis van het doelpuntensaldo te redden ten koste van datzelfde Geraardsbergen.
MVC Pervélo-Ligier Drongen. Mag het iets meer zijn? U hoorde het zinnetje vast wel bij de slager en het is naar ons gevoel ook dat het gevoel dat leeft bij het voorbije seizoen van Drongen. Bij de start van het seizoen werd dat Drongen door vriend en vijand als titelkandidaat bestempeld. Het ‘new look’ Drongen had met Maxime Pieters, Thibaut Ben Akari, Glenn Uyttendaele en Louis Thyssen vier tinten AZ’77 Maldegem toegevoegd aan zijn selectie en oogde best ‘sexy’. Met Jesse Brouwers koos het ook voor een coach die het spelletje door en door kent. Het team van voorzitter Thierry Simoens beloonde zichzelf te weinig in de topwedstrijden en het werd voor Brouwers zoeken naar het juiste evenwicht. De wat klinische en uitgekookte stijl van Maldegem of kiezen voor spelen in functie van smaakmaker Lorenzo Berwouts. Niks aan te merken op het werk van coach Jesse Brouwers trouwens. Tactisch bevlogen, garant voor duidelijke coaching en emotioneel stabiel, maar de goalgetter van KVV Schelde verkoos om vriendschappen niet op het spel te zetten en een stapje opzij te zetten. Voor zijn vervanger Jo De Meyer – niet toevallig opnieuw een tintje Maldegem – was er weinig foutenmarge en het pleit voor de Lovendegemnaar dat hij Drongen nog in de play-offs wist te loodsen. In de beker botste het op een uitgekookt Kortemark en na een nederlaag in de eerste wedstrijd van de play-offs zat het seizoen er op voor Drongen.
Campro Kassani Elsegem. Grand cru. Elsegem is een ploeg die wel al langer hunkert naar een prijs en dit jaar lagen er op het einde van de rit maar liefst twee op het schap. In het tussenseizoen plukte voorzitter Frank Gheysen bij Kortemark Sven Dhoest weg en die moest ‘El Muro d’Elsegem’ worden. Spectaculaire reddingen, doelpunten uit de tweede lijn en quasi een perfect rapport op schepcorners zorgden ervoor dat sportief verantwoordelijke Yves D’haene best hard aan zijn mouw trok. Niet dat Dhoest de meest technische speler is in de ’top league’, maar wel een pion waar je op kan rekenen. Voor de frivoliteit zorgen Ilyas El Malqui, Ishak Mahli, Inaki Van Der Cruyssen en Lenn D’haene wel. D’haene mag zich trouwens een prima ambassadeur van de minivoetbalsport noemen. Ook na een nederlaag altijd bereid om een interview te geven. Op dat vlak is er bij sommige ploegen nog wel wat progressiemarge. Voeg daar ook nog Giovanni Delannoy aan toe en je hebt een team die geweldig snel kan kaatsen en dribbelsterk is en zo de ploeg is die het hoogste tempo kan ontwikkelen. Dat bleek ook in de play-offs. Vooral na Nieuwjaar bewees ook Kenneth Derykere dat hij zijn plaatsje op het hoogste niveau meer dan waard is. Ook op het vlak van winnaarsmentaliteit maakte het team progressie. Boerenjaar dus, of wie het liever bij wijn houdt: grand cru.
Doltcini Erwetegem. Jammer. Erwetegem is een club met naam en faam en een mooi palmares. Voor Nieuwjaar leek Erwetegem zeker een volwaardig titelkandidaat. Met Manu Donkor van Maldegem en Bram Verhavert van Elsegem haalde het behoorlijk wat kwaliteit in huis en ook Gianni De Neve had het spelletje op het hoogste niveau vlug onder de knie. Na Nieuwjaar begon de motor evenwel te sputteren en finaal werd Erwetegem derde. Niet onaardig, maar intussen werd duidelijk dat het ‘game over’ was en de club er de stekker uit zou trekken. We zullen de tripjes naar de Smissenhoek wel missen. De kleine zaal, de aanvallende speelstijl van Erwetegem en de vreselijke akoestiek daar zorgden voor een heksenketel waarin je steeds een leuke minivoetbalpot geserveerd kreeg en de tegenstander wel vaker koos voor ‘damage control’.
The Oliver Boys Gent. Revelatie. Bij de start van de competitie was er sprake van een G5. Vijf toppers die zouden strijden voor vier plekjes in de play-offs. Maar The Oliver Boys Gent liet zien dat het verschil met de kleppers heel klein geworden is. Biko Fordjour tilde de ploeg naar een hoger niveau en Koby Van Acker liet ook wel vaker zien dat hij in een goede dag een tegenstander pijn kan doen. Tommy Jacobs zorgde voor ervaring en balvastheid, Alejandro Goemans is ook een speler die wel in enkele scoutingsboekjes genoteerd werd.
Real Geraardsbergen. Real Geraardsbergen speelde vorig seizoen al een beetje Houdini. Het hield Mini Sint-Gillis-Waas achter zich en kon via de play-downs zich verzekeren van een verlengd verblijf in eerste. Ook nu werd snel duidelijk dat het behoud het enige doel mocht zijn. Het pleit voor de club dat ze tot de laatste speeldag bleven geloven in de redding. Even zag het er zelfs naar uit dat het team in eerste zou kunnen blijven, maar het gegeven dat Erwetegem zijn stamnummer verkocht, zorgde ervoor dat we Geraardsbergen volgend seizoen in tweede nationale zien spelen.
MVC KBC Kortemark. Net niet. Tijdens de traditionele persconferentie was voorzitter Geert Seynaeve duidelijk. De play-offs halen en eindelijk eens de finale van de beker te mogen spelen, dat waren de doelen. Beide doelen werden afgevinkt, maar als je met drie bonuspunten aan de play-offs begint, hoop je op de titel en een finale speel je natuurlijk om die te winnen. Elsegem hield Kortemark evenwel van een prijs. Na een testwedstrijd in de competitie en een tactisch duel in de finale. Duidelijk is dat Davy Joye wel zijn rol speelde in het verhaal. Achterin als speler balvast en vaak goed voor knappe reddingen en als coach lepelde hij er de winnaarsmentaliteit in. Balvastheid, stug verdedigen en de momenten kiezen waren onder meer de stokpaardjes van de veldvoetballer van Nokere-Kruishoutem, al zorgde Quentin Vaneeckhoute wel vaker voor fraaie doelpunten en technische hoogstandjes. Met Maxime en Thibaut Maes had het team een leuke broerderpaar in de rangen. Anton Vanborm voegde in de loop van het seizoen een stuk métier aan het team toe. Ook jongens als Alexander Demytterenaere, Issam Temsamani en Giovanni Longueville maakten van Kortemark een stevig team. Maar het werd net niet. Davy Joye zet een stapje opzij en dat betekent dat Benjamin Bonte de rol van speler-coach krijgt.
PS Oostkamp. Stap vooruit. Vorig seizoen moesten ze in de Valkaart lang knokken om zeker te zijn van het behoud. Nu glipte het vlug weg uit de buurt van het degradatiemoeras en zette het eens stapje vooruit. Met een negende plaats en maar negentien punten is dat stapje vooruit misschien net iets kleiner dan verwacht. We durven vermoeden dat ze in het team van de Rotsaerts vooral betreuren dat ze bij Hard Labeur Nazareth verloren en zo de kans misten om de halve finale te spelen.
WDP Rollegem. Rollegem sloot de competitie af als achtste en dat was zo’n beetje de plaats waar ze bij het begin van het seizoen naar mikte. Heel wat ervaring daar en dat zorgde ervoor dat ze ver weg bleven van de gevarenzone. Jammer dat ze daar niet meer de motivatie vonden om een team op het hoogste niveau op de been te houden.
Cappuccino Waregem. Status quo. Neen, niet de popgroep, wel de status van de ploeg. Net als vorig jaar werd het kampioen van de rechterkolom. Maar wel met veertien punten achterstand op de nummer zes. Toch was Waregem een ploeg die stevig van zich af kon bijten. Thorben Denys en Gauthier Maes blijven leuke profielen, Lars Vandenbroucke een speler die zich op een positieve manier in de kijker speelde. Af en toe deed het de toppers zweten en Drongen werd voor het tweede jaar op rij voetje gelicht.
MVV Waregem ’74. Bij de start van het seizoen werden de jonkies van MVV een moeilijk seizoen voorspeld. De tieners bewezen vooral in de zespuntenwedstrijden dat ze hun plaatsje op het hoogste niveau waard waren. Toppers pijn doen zat er nog niet, maar met het surplus aan ervaring kijken we wel uit naar wat dit team volgend seizoen laat zien.





