Kristof De Rocker hoopt dat Beervelde er staat tegen de start van de competitie. Foto Dominique Lampo Foto Dominique Lampo.
Eendracht Moortsele sloot het seizoen in derde provinciale B af op de elfde plaats en daar konden ze in Moortsele wel mee leven. Coach Kristof De Rocker kijkt tevreden op het seizoen terug en hoopt dat zijn ploeg dit jaar een stuk sterker voor de dag komt.
“Vorig jaar begonnen we het seizoen toch met wat vraagtekens. Nieuwe ploeg en in de kern heel wat jongens zonder ervaring in een eerste elftal. We speelden evenwel een sterke heenronde en sloten die af in de linkerkolom. Na de winterstop liep het toch wat stroever. Er kwam wat minder volk naar de training en ook daar was er minder scherpte. De kern was niet zo breed en dat voelde je wel. In het competitieslot wonnen we nog tegen Latem B en Zevergem en met een 6 op 9 sloten we het seizoen toch in schoonheid af. Het is ook zo dat we vorig seizoen nooit in nauwe schoentjes raakten en dat op zich zorgde er al voor dat we niet ontevreden waren op het einde van de rit. Intussen zijn we al op weg naar de start van de competitie en ik heb wel het gevoel dat we versterkt uit het tussenseizoen stapten. Jongens als Eppo Vandevoorde en Lars Verdonck maken de overstap van Merelbeke en zijn wel een versterking. Diyor Tursunow is ook een van de nieuwkomers. Hij liet een goede indruk op training, maar door een enkelblessure is hij jammer genoeg twee maand buiten strijd. In totaal haalden we elf spelers naar Moortsele. Uiteraard zijn dit niet allemaal jongens die in aanmerking komen voor het eerste elftal, maar zowel op training als in de eerste wedstrijd tegen Oudegem zag ik wel spelers die wat kunnen betekenen voor de ploeg. En er is meer volk op training dan vorig jaar. Ook niet onbelangrijk. Doelstelling? Beter doen dan vorig jaar, minstens top tien dus. Ik verwacht hoe dan ook dat het een heel aan elkaar gewaagde reeks is. Smetlede, Cercle Melle en Beervelde worden wel vaker getipt door collega’s, maar ik vind het nog heel vroeg om namen naar voor te schuiven. Vorig jaar werd HT Zwijnaarde ook nauwelijks getipt en toch bleken zij de sterkste ploeg op het einde van de rit.”





