Maarten Cools maakt zijn debuut als coach bij Ruiselede. Foto Dominique Lampo.
Vierdeprovincialer Groene Leeuwen Ruiselede stak vorig seizoen de eerste periodetitel op zak, maar bleef finaal op de zevende plaats steken. De poort openbeuken naar derde provinciale zat er niet in. Kan ex-speler Maarten Cools dat als kersverse T1 wel? Voor Maarten Cools wordt het een bijzonder seizoen. De 39-jarige Ruiseledenaar hing deze zomer noodgedwongen zijn voetbalschoenen aan de haak na een zware kruisbandblessure, maar lang moest hij niet wachten op een nieuwe uitdaging. Amper twee dagen na zijn operatie kreeg hij de vraag om hoofdtrainer van Ruiselede te worden. Daar hoefde hij niet te lang over na te denken.
“Na mijn blessure wist ik dat mijn spelerscarrière voorbij was. Twee dagen later vroeg het bestuur me om trainer te worden en dat voelde meteen als de juiste stap”, vertelt Cools.
Bij Ruiselede bleef de kern grotendeels intact. Vier spelers verlieten de club, terwijl enkele jeugdproducten de kans krijgen om zich te tonen in de A-kern. “We hebben een drietal jongens uit de U17 doorgeschoven. Dat is een bewuste keuze. Ze krijgen vertrouwen en moeten zich rustig ontwikkelen. Casper Tierenteyn, eén van hen, amper zestien jaar oud, maakte gisteren zelfs zijn eerste doelpunt bij de eerste ploeg. Dat zijn mooie momenten.”
Daarnaast haalde Ruiselede ook gerichte versterkingen binnen met Leander Hallaert, Robbe Gabriëls en Jordan Nwoakolo. Volgens Cools zorgen zij voor extra concurrentie en kwaliteit binnen de selectie.
De kersverse coach steekt zijn ambities bovendien niet weg. “We willen meedoen voor een plaats in de eindronde. Dat moet haalbaar zijn als we als ploeg blijven groeien. Ik zie veel potentieel in deze groep.”
Toch kijkt Cools verder dan alleen dit seizoen. Hij gelooft dat de club op termijn een stap hoger kan zetten. “Ruiselede heeft alles om hoger te spelen. Dat zal misschien niet meteen dit jaar zijn, maar ik hoop dat we binnen enkele seizoenen de stap naar een hogere reeks kunnen zetten. Daar wil ik als trainer graag mee mijn schouders onder zetten.”


