Sven Boelens mikt met Belzele naar de tiende plaats. Foto Dominique Lampo.
Vorig seizoen sputterde de motor bij Eendracht Belzele in de heenronde. Gelukkig kreeg Sven Boelens die motor wel aan de praat en rukte de ploeg zich los uit het degradatiemoeras. Doet de ploeg beter dan vorig seizoen? Coach Sven Boelens hoopt natuurlijk van wel.
“Ik nam halverwege het seizoen het sportieve roer in handen. Toen was het behoud het enige objectief en daar zijn we finaal ook in geslaagd. We wonnen tegen ploegen als Balgerhoeke, Bellem en Vinderhoute drie keer op een rij en raakten zo weg uit het degradatieslop. Daar kan ik dus wel tevreden over zijn. Minder tevreden ben ik over het gegeven dat we naar mijn gevoel iets te weinig progressie maakten. In het slot van het seizoen zag ik ook wel wat gemakzucht. Een training over slaan, op stap gaan daags voor de wedstrijd. Zaken die je als trainer niet graag ziet gebeuren. Op het veld slikten we dan weer te makkelijk doelpunten. Defensief stabieler worden is voor mijn ploeg dan ook een uitdaging en dat is niet alleen het werk van de verdediging. Als ploeg onderin is het ook niet makkelijk om jongens te overtuigen om voor Belzele te kiezen en dan ben ik wel tevreden dat we maar liefst vijftien nieuwe spelers konden strikken. Van de vaste waarden is Matisse Panhuysen de enige vertrekker en als zeven of acht van die nieuwe jongens week na week een gooi kan doen naar een plaatsje in de basis moeten we steviger op ons pootjes staan. Met de komst van Menno Bekaert van Evergem 2020 ben ik wel tevreden. Een polyvalente speler die wel zijn impact op de groep kan hebben. Othman Rayhan Khiye, ex-Vinderhoute, is ook wel een type speler dat ik er graag bij heb. Grote centrale verdediger, heel kopbalsterk. Kenzo Borkelmans trekt ook opnieuw de voetbalschoenen aan en ik hoop dat hij onze verdediging mee kan schragen. Yente Coucharière is zo’n beetje hetzelfde verhaal. Die was gestopt als speler van Munkzwalm, maar is wel een jongen met kwaliteiten. Van de elf andere jongens moeten er toch ook nog enkele een meerwaarde voor ons kunnen betekenen. Het doel? Ik zal niet ontevreden zijn als we op het einde van de rit tiende zijn, maar in het begin van het seizoen mag je de lat wel wat hoger leggen en in een ideaal scenario zijn we goed voor de zevende of achtste plaats. Dan moet het wel wat mee zitten qua blessurelast. We moeten in ieder geval competitiever zijn dan vorig jaar. Het is allemaal nog wat vroeg om de ambitie uit te tekenen. Eind augustus zal ik er toch al iets beter zich op hebben op wat we waard zijn.”





