Kenzo Dejonghe heeft het gevoel dat Oostrozebeke zich wel zal weten te redden. Foto Dominique Lampo.
38 punten in 2024, 39 punten in 2025. Daarmee was Oostrozebeke voor het tweede jaar op rij een middenmoter. Intussen hebben de jongens van coach Kenzo Dejonghe al vier oefenpotjes achter de rug en de T1 van SCOR maakt voorlopig een positieve balans op. Al geeft hij toe dat het een heel drukke transferperiode was.
“Het is zo dat het een heel drukke transferperiode was. In het tussenseizoen besloten maar liefst zes basisspelers een punt achter hun loopbaan te zetten. Naast doelman Jensy Van Cauwenberghe, nu onze keepertrainer, zijn dat Dwight Neve, Killian Van Houteghem, James Van Houtte, Matisse Maelfait en Laurens Bonte. Van sommige jongens wisten we voor het seizoen al dat ze aan hun ‘Last Dance’ toe waren, maar voor anderen kwam die beslissing er in de loop van het seizoen. Er was dus wel wat werk aan de winkel. Finaal haalden we toch negen versterkingen in huis en ziet het er wel naar uit dat we de vertrekkers goed vervangen hebben. We kozen enerzijds voor jongens die op een hoger niveau geen vaste waarde waren, maar wel kwaliteiten hebben en voor ons dan ook nuttige pionnen kunnen zijn. Dan denk ik aan Tristan Himpe en Lander Declercq, beiden ex-Lendelede. Anderzijds haalden we ook enkele jongens die in vierde mooie zaken lieten zien. Junot Debels en Douglas Debels, spelers van Desselgem, zijn daar voorbeelden van. Maar elk van de nieuwkomers mag wel de ambitie hebben om voor een plekje in de basis te strijden. Op training loopt het wel lekker. Toch is het zo dat de spelers elkaar nog beter moeten leren kennen en dat we qua automatismen nog stappen moeten zetten. We hebben evenwel nog meer dan drie weken om alles te finetunen. Maar ik ben met een goed gevoel aan het bouwen aan een nieuwe ploeg. Ik vermoed dat onze rol in de reeks een beetje dezelfde zal zijn als de voorbije jaren. In deze reeks steken ploegen als Stasegem, Pittem en Ingooigem er wel bovenuit. De Ruiter Roeselare brengt ook wel een stevige ploeg op de been. Tussen de rest van de ploegen is het niveauverschil klein. Het is nog te vroeg om prognoses te doen, al hoop ik minstens op een seizoen zonder zorgen.”

