Kantine 11 had een babbel met Jan Wulffaert. Foto Dominique Lampo.
Mooi seizoen voor KFC Eeklo. De ploeg nam van bij de start van het seizoen de ‘pole position’ in tweede provinciale A in handen, overwon een dipje en een stevige eindsprint onder leiding van het trainersduo Tom De Neve-Paul Mortier zorgde ervoor dat de champagneflessen ontkurkt mochten worden en de stap naar eerste provinciale gezet kan worden. Op het Kantine 11 Gala viel er ook nog een tweede plaats voor Richard Mendoza te noteren, terwijl Salah Dib mee op het podium mocht. Eeklo zat ook niet stil de voorbije weken en de ploeg lijkt voldoende gewapend om een goed figuur te slaan in eerste provinciale. Maar helemaal zorgenvrij is voorzitter Jan Wulffaert niet. Vooral de staat van de infrastructuur zorgt ervoor dat Wulffaert met kopzorgen zit.
“Het is geen geheim dat de site aan de Zandvleugde verouderd is. De stad Eeklo plant heel wat werken aan de site, maar ik vraag me af of ons veld speelklaar raakt tegen de start van de voorbereiding. We doen mee aan de Croky Cup en de competitie begint op 30 augustus. Maar ik vraag me af of we dan kunnen spelen aan de Zandvleuge. De club is ook qua jeugdwerking aan het groeien en daardoor kampen we met een tekort aan kleedkamers. Bovendien is de verwarmingsinstallatie verouderd. Spelers douchen zich vaak met koud water en straks dreigt er door de werken helemaal geen water te zijn voor de toiletten en de kantine. Dan heb ik het nog niet over de veiligheid van de site, want het zal vroeg dag zijn. Morgen beginnen de werken pas en dan is het al vrij snel bouwverlof. Het eerste elftal hervat de trainingen op 18 juli en een week later staat de Croky Cup al op het programma. Tegen dan moet alles klaar zijn en ik vrees dat dit misschien niet het geval zijn en we daardoor misschien zelfs een forfait moeten vrezen. We hebben het vooral moeilijk met het gegeven dat we als club niet gehoord worden. Uiteindelijk zijn wij de huurders en de ploeg die met de accommodatie aan de slag moet, maar naar onze noden wordt niet geluisterd. Zo komen er vier nieuwe lichtmasten op het B-veld, terwijl de verlichting voor ons daar voldoende is. Vooral op het A-terrein is er nood aan een nieuwe verlichting. We willen zeker geen conflict met het stadsbestuur. We gaan trouwens in dialoog en hopen dat er een oplossing uit de bus komt. De infrastructuur is intussen verouderd en als club verdienen we een stadion dat onze ambitie weerspiegelt.”







