Ferre Martens won met Machelen de topper tegen Horebeke. Foto Dominique Lampo.
Tweede uitzege voor Eendracht Machelen en net als op het veld was het verdict duidelijk: 0-4. Ferre Martens zag al bij al zijn ploeg vlot de maat nemen in Zegelsem.
“Bij een ploeg onderin de klassering helpt een vroeg doelpunt je meestal een heel eind op weg en dat vroege doelpunt kwam er in Zegelsem. Goeie diepe bal naar Jan Van Kerckhoven en die maakte het meteen af. Coach Kristof De Rho moest bij de keuze van een diepe spits wat improviseren, want Milan De Wulf en Tjorven Baudoncq lagen in de lappenmand en tijdens de opwarming bleek dat Kobe De Smet ook niet inzetbaar was. Dat vroege doelpunt zorgde natuurlijk wel voor vertrouwen en we waren voor de rust al de betere ploeg. Zegelsem zorgde wel voor dreiging via een vrije trap, maar voor het overige gaven we weinig weg. En een tweede doelpunt van onze kant zat er zeker in. Na de rust telden we Zegelsem uit. Henri Covemaecker benutte snel een flankvoorzet en na de aftrap konden we meteen de bal heroveren en dat liet Benno Wittouck toe om voor de 0-3 te zorgen. Daarmee lag de wedstrijd in zijn definitieve plooi. De 8 op 12 en de vierde plaats is mooi, maar we houden een dubbel gevoel over aan onze competitiestart. Tegen Michelbeke hadden we net zo goed kunnen winnen en na de wedstrijd tegen Boekel hadden we ook wat het gevoel dat we twee punten lieten liggen. Positief is zeker het gegeven dat we na vier wedstrijden nog maar één doelpunt slikten. Op defensief vlak zit het wel snor. En in die verdediging is Lars Boone toch zo’n beetje de revelatie. Die jongen werd toch eerder aangetrokken als een versterking in de breedte, maar lijkt goed op weg om een vaste waarde te worden. Op papier zijn we gewapend om top vijf te halen, maar daar doe ik liever geen al te stouten uitspraken over. Vorig jaar werd de lat hier ook hoog gelegd en konden we de verwachtingen niet inlossen.”





