Emiel Osaer was in Steenhuffel de sterkste bij de junioren. Foto Marc Van Hecke
Opa Marc is in het voetbalmilieu een stuk bekender dan kleinzoon Emiel Osaer. We hebben het over persfotograaf Marc Van Hecke. Maar daar komt zoetjes aan verandering in. Emiel bouwde als veldrijder bij de nieuweling al een aardig palmares op en liet er als junior geen gras over groeien. Eerste wedstrijd en meteen een schot in de roos. In Steenhuffel zette hij op indrukwekkende wijze de wedstrijd naar zijn hand. Hij verraste daarmee vooral zichzelf.
“Ik had niet het gevoel dat ik in topconditie aan het nieuwe seizoen begon. Als je me voor de wedstrijd gevraagd zou hebben wat ik van die eerste wedstrijd verwachtte, had ik geantwoord zeer blij te zijn met top tien. En al zeker na de loting. Ik moest helemaal achterin starten. Bovendien werd ik bij de start wat opgehouden door een slippertje van een andere jongen en zo reed ik als voorlaatste het veld in. Ik schoof evenwel snel op en na een mooie inhaalrace kreeg ik halfkoers de leider in het vizier. Door de regen was het parcours herschapen in een modderpoel en op zich ben ik geen modderduivel, ik houd meer van technische en snelle omlopen. Ik nam over en stelde vast dat ik wel druk op Delano Heeren zette. Uiteindelijk maakte hij ook een foutje en reed ik van hem weg. Het geeft me wel vertrouwen dat ik die Nederlander klopte. Hij is Nederlands kampioen op de weg en was vorig seizoen zo’n beetje heer en meester in zijn leeftijdscategorie.”
Osaer tankte dus vertrouwen uit de eerste wedstrijd. Dit weekend is hij aan de slag in Luxemburg en daar gaat hij met een duidelijk doel van start.
“In Luxemburg wil ik UCI-punten sprokkelen om zo de komende maanden een betere startpositie te hebben. Evident wordt dat niet. Het deelnemersveld bevat heel wat jongens die al goed presteerden. De tweedejaars mogen vooraan staan en in de volgende rijen staan de renners uit Luxemburg. Nadien pas de eerstejaars. Het zal zaak worden om niet te veel tijd te verliezen bij de start. Na die cross in Luxemburg gaat de focus naar de wedstrijden in Meulebeke en in Ruddervoorde. Ik denk dat ik nog niet echt in topvorm steek en na de opsteker in Steenhuffel hoop ik klaar te zijn voor een goed seizoen.”


