Eddy van der Haegen (rechts) aan de zijde van Jordy Van Melkebeke. Foto Dieter Ros.
Na twee uitzonderlijk mooie jaren leert Sint-Antelinks dit seizoen voorlopig de keerzijde van de medaille kennen. Voorlopig, want voorzitter Eddy van der Haegen behoudt de glimlacht en bekijkt de toekomst van zijn club door een roze bril. Op vlak van infrastructuur zette Sint-Antelinks alvast een stapje vooruit en dit weekend wordt die vernieuwde infrastructuur ingehuldigd. Van der Haegen hoopt dit natuurlijk te vieren met een driepunter.
“Onze accommodatie kreeg toch wel een ‘face lift’. Nieuwe kleedkamers, nieuwe ontvangstruimte, een opgefriste kantine, nieuw meubilair. We zetten op dat vlak zeker een stap vooruit. Maar op sportief vlak loopt het iets stroever. Het is zo dat de bal voorlopig niet wil rollen voor ons. We spelen zeker niet slecht, maar het zit vaak wat tegen. Een fase waarbij je vorig jaar een strafschop kreeg, levert nu niks op. En de blessurelast is ook een stuk groter. Maar van paniek is zeker geen sprake. We zijn er wel gerust op dat het goed komt en we weg zullen raken uit de kelderverdieping van de klassering. We staan voor een Engelse week en daarin hopen we een stevige sprong in het klassement te maken. Dit weekend krijgen we met Winnik een ploeg op bezoek die zijn start wat miste en we hopen de puntjes thuis te houden. In de midweekwedstrijd trekken we dan naar Volkegem en ook daar behoort een driepunter tot de mogelijkheden. Volgend weekend trekken we dan naar rode lantaarn Gavere-Asper en ook daar gaan we vol voor de winst. In het meest optimistische scenario halen we 9 op 9 en ziet de wereld er heel anders uit. Zelfs bij een 6 of 7 op 9 zullen we een stevige sprong in het klassement maken. En het is zo dat we twee uitzonderlijke seizoenen achter de rug hebben. Twee jaar geleden kampioen in derde, vorig seizoen vice-kampioen in tweede. We wisten dat het moeilijk zou worden om voor een bisnummer te zorgen van ons sterke debuut in tweede. Over top drie is hier nooit gesproken, over linkerkolom wel. En ik zie dat trainer Pascal Smessaert training na training meer dan dertig jongens mag begroeten en aan de werkethiek van de spelers ligt het zeker niet.”






