Per Prekadini blijft in de herfst van zijn loopbaan vlot de weg naar doel vinden. Foto Dieter Ros.
Derdeprovinciclaer Eendracht Deftinge was vorig seizoen goed voor 57 punten en een vierde plaats in de D-reeks. In de eindronde sneuvelde het pas in de finale. In de reguliere competitie legde Per Prekadini er maar liefst 26 in het mandje. We blikten over zijn schouder terug op het voorbije seizoen en lonkten ook al eens naar het nieuwe. We staken van wal met de vraag of Deftinge tevreden mocht zijn over het voorbije seizoen.
“Dat denk ik wel. We hoopten mee te doen voor de prijzen, maar dit jaar was er niks te doen aan VK Nederhasselt. Een ploeg die dertig wedstrijden op rij ongeslagen is en 72 punten bij elkaar sprokkelt, is de verdiende kampioen. Het verschil in kwaliteit met dat Nederhasselt was nog wel te overzien. Maar onze kern was te smal om gelijke tred met hen te houden. De vierde plaats is mooi en in de eindronde was het een verhaal van net niet. We zongen het uit tot de finale, maar botsten daar op Michelbeke.”
Tevreden over jouw seizoen?
“Eigenlijk wel, 26 doelpunten in de reguliere competitie is gezien mijn leeftijd wel een statistiek waar ik fier over ben. In de halve finale van de eindronde boog ik onder meer met drie doelpunten een 0-2-achterstand om in 4-2-winst. Ik speelde dus wel mijn rol in het verhaal.”
Doen jullie dit jaar een gooi naar de titel en/of promotie?
“Ik las dat we als een outsider voor de titel gezien worden. Wat mij betreft, is dat net iets te veel eer. De club koos ervoor om ook wat jongeren in de ploeg te integreren. Een nobele gedachte, maar dat houdt misschien ook in dat je af en toe nog wat leergeld betaald. Al zou het natuurlijk mooi zijn om bovenin mee te draaien.”
Wie mogen we dan wel bovenin verwachten?
“Smetlede was vorig seizoen in de B-reeks wel een stevige ploeg en we mogen wel verwachten dat zij dit seizoen een gooi zullen doen naar de titel. SK Erembodegem heeft ook wel ambitie, terwijl Baardegem ook wel een ploeg is die je op het einde van de rit in de top vijf terug zult vinden. En van Doggen verwacht ik dat ze dit jaar de revelatie worden. Vorig jaar werden ze geplaagd door blessurelast, maar ‘au grand complet’ is dat wel een stevig team.”
Op welk vlak moet je team stappen zetten?
“We moeten vooral meer stabiliteit aan de dag leggen. Vorig jaar moest de trainer jongens selecteren van de zondagreserven. Je weet wat Bob Peeters dan zou zeggen.”
Heb je het wat naar je zin bij Deftinge?
“Heel zeker, het is een warme en familiale club die wel vooruit wel. De jeugdwerking mag er zijn en enkele ‘die hards’ vormen een suppotersclub. Ja, ik ben daar graag (lacht).”
Wie is de slechtste verliezer bij jullie?
(zonder twijfel) Dat ben ik. Na een nederlaag ben ik niet te genieten. Mijn vrouw zegt dan dat ze tot maandag wacht om een babbel te beginnen (lacht). Ik heb dat ook op training. ‘Borre’ (Sandro Borreman) fluit dan wel eens een strafschop waar ik het niet eens mee ben en dan kan dat wel eens kortsluiting geven. Maar goed, dat is op zich geen slechte eigenschap, toch?”
Neen, dat is het niet. Wie staat er eigenlijk het langst onder de douche bij Deftinge?
“Ook hier hetzelfde antwoord. Meestal zorg ik er dan voor dat de kleedkamer netjes achterblijft.”
Wie is het meest met zijn uiterlijk bezig?
“Een iets moeilijkere vraag is dat. Dan denk ik aan Youness De Witte en Sacha Van Driessche. Youness heeft Marokkaanse ‘roots’ en wel meer jongens met die achtergrond willen uit een doosje komen. Sacha haalt ook zijn kammetje wel boven zodat zijn haren na de wedstrijd goed liggen.”
En het grootste trainingsbeest?
“Stef Du Seuil is wel iemand die zelden of nooit ontbreekt op training en ook daar voorop gaat in de strijd.”
Welke muziek mag er voor jou uit de boxen schallen bij de eerste overwinning?
“Ik zou het wel leuk vinden om voor de wedstrijd al wat stevige, opzwepende muziek te horen, maar op dat vlak zit ik niet op dezelfde golflengte met Sandro (Borremans). Voorlopig is ‘baila baila’ wel in, maar dat mag van mij ook wel een schlager zijn.”
Veel succes, Per!









